Een steeds grotere groep Nederlanders heeft een koopwoning die ‘onder water staat’. De hypotheek is dan hoger dan de verkoopwaarde van de woning. Dat boezemt veel mensen angst in. Zij durven de woning niet te koop te zetten, omdat er te veel onzekerheden zijn. Daarnaast lijkt er ook nog een taboe op het onderwerp te rusten.
Maar wat zijn de mogelijkheden als je woning ‘onder water staat’? Waar kun je terecht met vragen over je restschuld? En wat hebben anderen gedaan? Belangrijke vragen als je verder wilt met je woonplannen.
Wat kun je doen als je huis onder water staat?
Heb je bij verkoop van de woning een restschuld van de hypotheek, of verwacht je die? Dan is één ding van belang: communiceer met je bank. Er doen allerlei spookverhalen de ronde over wat wel of niet zou kunnen, bijvoorbeeld dat de bank nergens aan wil meewerken. In de praktijk is het vaak anders. Hypotheekverstrekkers zijn vaak bereid om mee te werken, mits jij ook bereid bent om met de bank mee te werken.
Er moet sprake zijn van een goede wisselwerking. Communiceer je niet met de bank en stel je de bank voor een voldongen feit als je de woning aan het verkopen bent? Dan is de reactie heel anders dan wanneer je vooraf het gesprek zoekt. Dat is in je privéleven niet anders. Goede communicatie kan je zeker helpen om er samen met de bank uit te komen.
Wat te doen met de restschuld?
Eigenlijk zijn er drie opties, waarvan er twee erg op elkaar lijken.
- Lening bij de hypotheekverstrekker: je kunt de bank waar je hypotheek loopt vragen om je een lening te verstrekken.
- Een nieuwe lening afsluiten: je kunt voor de restschuld bij een andere kredietverstrekker een lening aanvragen. Let daarbij ook op de fiscale gevolgen.
- Meefinancieren in de nieuwe hypotheek: bij een aantal hypotheekverstrekkers is het nog altijd mogelijk om tot 130% van de executiewaarde te financieren, mits het laatste deel wordt gebruikt om de restschuld af te lossen.
Wat hebben anderen gedaan?
Dat verschilt heel erg. Er zijn geen exacte cijfers over wat consumenten met hun restschuld hebben gedaan. Een deel zal het met eigen middelen hebben opgevangen. Maar het is ook niet uit te sluiten dat anderen het geld privé hebben geleend, bijvoorbeeld bij hun ouders. Wat wel opvalt, is dat communicatie met de bank overal als gouden tip naar voren komt. Het kan je veel ellende besparen. Ook al vind je het heel spannend: ga in goed overleg met de bank, zodat je de juiste oplossing vindt. Dat is niet alleen in je eigen belang, maar ook in het belang van de bank. Uiteindelijk zul je samen met de bank een goede oplossing moeten vinden.

